(0)

Selecteer Regio

Zomerakkoord: verdere afbraak van pensioenen

In het Zomerakkoord worden de pensioenen opnieuw als ‘besparingspost‘ misbruikt. De regering-Michel maakt er een tombola van: altijd prijs, altijd verloren.


De regering wil gepresteerde arbeid zogezegd beter belonen bij de pensioenberekening. Om die reden vindt ze er niet beter op dan je te straffen voor de periodes waarin je niet werkt of niet kan werken.

Verminderd pensioen voor werkloosheid en SWT

De werkloosheidsperiodes vanaf de tweede periode (na één jaar) of in het kader van werkloosheid met bedrijfstoeslag (brugpensioen – algemeen stelsel) worden niet meer in aanmerking genomen voor de pensioenberekening op basis van het laatst verdiende loon, maar wel op basis van een forfaitair bedrag (minimum per loopbaanjaar van 23.841,73 euro).

  • Voor een werknemer met een gemiddeld loon en een gemiddelde loopbaan vertegenwoordigen de periodes van werkloosheid en SWT, waarvan de regering de gelijkstellingsregels heeft gewijzigd, een gemiddeld 5,6 jaar. De ‘gemiddelde’ mannelijke werknemer verliest zo 152 euro pensioen per maand. Een ‘gemiddelde’ werkneemster verliest 133 euro per maand. Dat bedrag ligt iets lager omdat vrouwen doorgaans minder verdienen dan mannen.

Lager pensioen voor lange loopbanen

Wie vóór zijn 20ste aan zijn loopbaan begon en al meer dan 45 jaar werkte, bouwt geen pensioenrechten meer op indien hij zijn job verliest. Dit wil zeggen dat de laatste jaren werkloosheid of SWT de jaren met een laag loon aan het begin van de loopbaan niet meer vervangen.

  • Conclusie: lager pensioen voor wie op het einde van een lange loopbaan zonder job valt.

Minimumpensioen

In 2016 besliste de regering in het kader van de taxshift dat de minimumpensioenen voor een volledige loopbaan met 0,7 procent omhoog gaan. De sociale gesprekspartners verwierpen deze beslissingen omdat het discrimineert ten opzichte van al wie géén volledige loopbaan heeft. Maar de regering besliste deze zomer de discriminerende maatregel toch in te voeren vanaf 2018.

Afschaffing eenheid van loopbaan

Voor de pensioenberekening is 45 jaar loopbaan het maximum, ook al heb je langer gewerkt. Dit noemt men de ‘eenheid van loopbaan’. De regering besliste om dit te veranderen: er zou geen enkele limiet meer zijn voor de effectieve werkdagen in de opbouw van pensioenrechten. Voor personen die de eenheid van loopbaan overschrijden met de gelijkgestelde dagen blijft het huidige systeem van in aanmerking nemen van de voordeligste dagen behouden.

  • Deze hervorming gaat in voor de pensioenen vanaf 1 januari 2019. Ze heeft tot doel werknemers aan te zetten langer te werken, maar de kostprijs is hoog: 6,7 miljard in 2022. Waar zal de regering dat geld halen?

Deeltijds pensioen en pensioen met punten

De werknemer zal zijn pensioen deeltijds kunnen opnemen, en tegelijkertijd blijven werken en extra pensioenrechten opbouwen. Op die manier financiert de werknemer zelf zijn eindeloopbaan, terwijl op dit moment het stelsel van tijdskrediet een (soms gedeeltelijke) gelijkstelling voor de pensioenberekening voorziet. De uitwerking van dit deeltijds pensioen zal vastgelegd worden zodat dit zal kunnen opgenomen worden in het pensioen met punten dat de minister wenst in te voeren, een puntensysteem waarbij zowel je pensioenbedrag als je pensioenleeftijd onzeker wordt.

Links en downloads

Terug Top